autoweg E17 te GENT-CENTRUM
... en de SCHELDE
gewestweg N16 te MECHELEN-NOORD
autoweg E19 te MECHELEN-NOORD
TRAM 24 (*)
Waar gaat hij heen ?-ach, het hoeft niet meer-of toch, een laatste keer.
Elk einde is een nieuw begin,na Silsburg, Schoonselhof,heeft verder rijden toch geen zin.
Ik neem hem mee:een late gast, nog net op tijdontsnapt uit café Terminus;
Ik neem hem mee,om wat hij achterliet,want ’t Stad en ’t Leven wenken.
De straten groeien langzaam dicht,de huizen staan te dringen,de mensen stappen op,ik breng ze mee naar binnen.
Het centrum is pas halfweg,het gaat van “A” naar “Z”.
En tussen lijntjes blijven,twee stalen groeven in de grond;-ik zou zo graag ontsporen-maar knarsetandend in de bochten,gaat al mijn kracht verloren.
Of toch,ooit eens, één keer,naar links of rechts,neem ik de doden mee,en keer ook ik nooit weer.
* (Hommage aan de Antwerpse Tram 24 die eind 20e eeuw, via het stadscentrum, pendelde tussen de begraafplaatsen Schoonselhof in Hoboken en Silsburg in Deurne)
Opa heeft een grote boom,
met verre wortels diep in ’t zand
en brede takken op zijn kroon.Die is al oud en twee keer opa, Hij wuift mee met de wind Wil niet meer weg, Maar blijft daar staan: Hij treurt stil als het regent.
Als ’t koud wordt doet hij niet meer mee,
Meewarig traag kijkt hij eens ronden strooit met gulle hand zijn oude bladeren op de grond. Zakgeld voor het jonge leven,
Vol voorjaarsgroen en volle maan
Dat d’ oude stam zijn lentekleed
|
|